Logo tekst

advocaten mogen privileges houden

Eind 2004 stelde minister Donner (Justitie) een onderzoek in naar de rol en de positie van de advocatuur in Nederland. Een jaar later werd een commissie ingesteld, die het onderzoek naar de advocatuur moest uitvoeren. Donner zelf wekte de indruk dat advocaten hun geheimhoudingsplicht misbruiken, dat ze te partijdig zijn en op die manier het maatschappelijk belang in de weg staan. Bovendien suggereerde de minister ook niet-advocaten toe te willen laten tot de rechtszalen. Uit het rapport dat de commissie Wijmen vandaag presenteerde, blijkt echter dat zij de advocaten hun privileges niet wil afpakken. De commissie meent dat 'zonder een gewaarborgd vertrouwen op vertrouwelijkheid' goede rechtshulp 'onbestaanbaar is'. Ze pleit er dan ook voor de geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht in stand te houden. Bovendien wil de commissie het procesmonopolie houden; alleen advocaten mogen optreden in strafzaken en civiele zaken. Wel doet de commissie de aanbeveling om een Regelgevende raad voor de advocatuur in te stellen. Op dit moment wordt de beroepsgroep gecontroleerd door de Nederlandse Orde van Advocaten, een orgaan waarin de advocaten zelf zitting hebben. Een extern orgaan zou de beroepsgroep echter objectiever kunnen beoordelen.

Bron: NRC Handelsblad